De visie van... Thea Bogers

Weblog

In het TV-progamma 'Rot op met je religie' lopen de spanningen hoog op. Leiden de overtuigingen van justitiabelen ook tot spanningen in de inrichting?

Rot op met je religie?

In het programma ‘Rot op met je religie’ van de Evangelische Omroep wonen mensen met uiteenlopende achtergronden (joods, islamitisch, christelijk en atheïstisch) met elkaar in één huis. Twee weken lang trekken ze met elkaar op. Allemaal hebben ze hun eigen overtuigingen, en die leiden regelmatig tot hoogoplopende spanningen. Ook in de gevangenis vinden we mensen met verschillende religies en levensovertuigingen. Ook zij leven dicht op elkaar. Soms zelfs met z’n tweeën in één cel. Zij komen in aanraking met elkaars gebruiken en wellicht stevige overtuigingen. Komen we in detentie dezelfde spanningen tegen?

Hoe is dat in een inrichting?

In de praktijk zien we dat er zelden hoogoplopende spanningen of conflicten over levensovertuiging zijn tussen gedetineerden. Hoe dit komt? Ik denk dat daar twee aspecten een grote rol in spelen; men leert elkaar (snel) kennen en de geestelijk verzorgers en het overige personeel geven het goede voorbeeld.

Verbinding

De gevangenis is net een klein dorp. Een samenleving in het klein, wordt wel gezegd. De gedetineerden zijn op elkaar aangewezen. Ze gaan samen naar de arbeid en hebben gezamenlijk recreatiemomenten. Ze leren elkaar, soms noodgedwongen, snel kennen. Volgens mij is elkaar leren kennen, met elkaar communiceren, de sleutel tot acceptatie. Het betekent niet dat je het altijd met elkaar eens hoeft te zijn, maar wel dat er respect is.

Voorbeeldrol

Maar ik denk ook dat onze geestelijk verzorgers een goede voorbeeldrol vervullen in de inrichtingen. Mensen in detentie hebben het recht om hun godsdienst en levensbeschouwing vrij te belijden en te beleven tijdens hun detentie. DGV, de Dienst Geestelijke Verzorging, maakt dit mogelijk. Die DGV is een bont gezelschap van mensen; aan de MT-tafel zitten een humanist, imam, rabbijn, boeddhist, hindoe, predikant en aalmoezenier.

Ongeacht de onderlinge verschillen is er veel respect voor elkaar. We zijn niet gefocust op de verschillen maar op de overeenkomsten. We willen allemaal gedetineerden helpen. Het liefst helpen we ze aan voldoende inzichten om andere keuzes te maken, en om nooit meer in detentie terecht te komen. Ik denk dat ons personeel diezelfde insteek overdraagt in de inrichtingen. Geestelijk verzorgers, en trouwens ook andere DJI’ers, zullen elkaar nooit afvallen maar de gedetineerden stimuleren om elkaar te respecteren.

Moeite doen

Ik zal niet ontkennen dat het werken met zoveel verschillende mensen een uitdaging is. Als DGV een teamdag heeft dan heb ik een behoorlijk lijstje waar ik rekening mee moet houden; er is iemand die koosjer eet, iemand die veganistisch eet, iemand die geen alcohol drinkt… Dat kost misschien wat meer effort. Maar mijn ervaring is; als je een beetje moeite doet voor de ander, dan krijg je dat dubbel en dwars terug. Ik voel me bevoorrecht dat ik met zoveel verschillende mensen met verschillende achtergronden werk en datzelfde rijke gevoel wens ik ieder ander toe.